Zout, Zweet & het Kerstseizoen

Groeten uit Bali,
Ik hoop dat je een veilige en gezellige Bonfire Night hebt gehad. Begin je buiten het Verenigd Koninkrijk over Guy Fawkes, dan kijken mensen je meestal glazig aan. We vergeten soms dat een pop in brand steken terwijl je een gepofte aardappel eet geen wereldwijde traditie is.
Vorige week vertelde ik je over ons bezoekje aan een toddybar in Kerala, waar we na wat lokale palmwijn een beetje aangeschoten raakten. Heb je dat avontuur gemist? Dan lees je het hier terug.
Ik ben inmiddels weer terug op Bali. Deze week werk ik vanuit ons strandkantoor, waar ons marketingteam en onze getalenteerde developers op een steenworp afstand van de branding zitten. We hebben zelfs een klein zwembad, en dat wordt echt gebruikt. Toen we hier een paar jaar geleden kwamen, leek het een droom: een tropisch strand, een zeebries, surfers die vlak voor het raam de golven pakken… Wat wil je nog meer?
Nou, zout dus.
Zout is een onzichtbare indringer. Het kruipt overal in en vreet langzaam maar zeker het hele pand op. Dit jaar moesten we het dak al vervangen. Nu slaat de stroom steeds af en heeft het hele kantoor waarschijnlijk nieuwe bedrading nodig. Ook de airco geeft regelmatig de geest, en dan wordt de tropische droom eerder een gezamenlijke sauna. Met spreadsheets.
Maar het team laat zich niet kisten. Ze werken gewoon door, en Bondhan heeft noodklusjesman toegevoegd aan zijn toch al behoorlijk gevarieerde takenpakket. Hij is ontwerper, inkoopexpert en nu ook verdediger van het strandkantoor tegen de Indische Oceaan. De zee is nog niet echt binnengekomen, maar stuurt het zout alvast vooruit.
Een stukje verderop, in ons AW-magazijn, is het ondertussen een drukte van belang. Als ik het team zie controleren, inpakken en verzenden, besef ik weer hoeveel van wat we verkopen begint met een stuk hout en een paar vaardige handen. En daarmee zijn we terug bij de vier letters waar iedereen zich het hoofd over breekt: EUDR. In India vertelde ik je al hoeveel onrust het daar veroorzaakt. Hier breekt men zich er net zo goed het hoofd over.
De EU-ontbossingsverordening (EUDR) bepaalt dat houten producten die onder de regels vallen en op de EU-markt komen, aantoonbaar legaal geproduceerd en ontbossingsvrij moeten zijn. Je moet het hout dus kunnen herleiden tot het stuk grond waar het gegroeid is, met de informatie en controles om dat te onderbouwen. Bossen beschermen? Absoluut. Wij zijn er afhankelijk van, en de mensen die deze producten maken ook. Hier bestaan daar al systemen voor.
Indonesië is allesbehalve nieuw in houtpapierwerk. Er zijn al overheidsdiensten, exportnormen, inspecties, papieren en stempels. Afhankelijk van de zending gaan er soms ook monsters naar laboratoria op het vliegveld. Alles aan deze kant klaarmaken is een dagtaak, nog voordat een container ook maar een centimeter is verschoven.
En nu hangt de EUDR boven de ambachtelijke sector als een gigantische archiefkast op een piepklein houtsnijkrukje. Er komt een extra laag EU-bureaucratie aan, als een zomerse storm.
Handgesneden Boeddha, gemaakt door een ambachtsman.
Uit mijn gesprekken krijg ik niet bepaald de indruk dat iedereen er klaar voor is. Een kleine werkplaats kent zijn houthandelaar misschien heel goed. Maar via die handelaar het complete spoor terugvolgen tot het oorspronkelijke perceel is een ander verhaal. Ik vrees dat men het pas echt serieus neemt als er bestellingen worden geannuleerd.
Deze week hebben we een container naar Spanje verstuurd. Of die Málaga nog voor de EUDR-deadline eind december haalt, is de vraag. We hebben de papieren zo goed mogelijk voorbereid, maar hier lijkt niemand het een echt probleem te vinden. De lokale V-Legal-houtcontroleurs zeggen simpelweg dat de regels nog niet gelden, dus ze hebben zich nog niet voorbereid. Wij wezen erop dat goederen die nu vertrekken, aankomen als de regels wél gelden. In de praktijk gelden ze dus nu al. Hun antwoord: ze hebben al een sterk systeem, V-Legal, dus waarom nog een?
Dat is precies de zorg. Getalenteerde mensen maken prachtige dingen, maar het extra papierwerk om ze te kunnen blijven verkopen, kan wel eens het moeilijkste ambacht worden. We werken het samen met onze leveranciers uit, want achter deze doosjes, houtsnijwerken en kleine houten schatten zitten mensen die er hun brood mee verdienen.
Ik schrijf dit tijdens een vroeg ontbijt op Bali, terwijl in het VK waarschijnlijk het laatste Bonfire Night-vuurwerk nog naknalt.
Dus ik denk dat ik het nu wel kan aankondigen, zonder te horen dat het nog te vroeg is…

Ik wens je volle winkels, drukke webshops, fijne klanten en heel veel van die momentjes waarop iemand zegt: „Doe die er ook maar bij.”
Fijne kersthandel, allemaal! Wij houden de voorraad in beweging, en met een beetje geluk ook de lichten in het strandkantoor aan.
Pas goed op jezelf,
